De eerder aangekondigde beëindiging van de ‘zachte landing’ bij de handhaving op schijnzelfstandigheid wordt gedeeltelijk teruggedraaid. Naar aanleiding van moties in de Tweede Kamer heeft de Staatssecretaris van Financiën besloten om de verzuimboetes in 2026 nog niet op te leggen. Voor werkgevers én werkenden betekent dit een tijdelijke verlichting in de handhaving, al blijven vergrijpboetes bij evidente schijnzelfstandigheid vanaf 2026 wel van kracht.
Verlenging met nuances
De verlenging houdt in dat ook in 2026 geen verzuimboetes worden opgelegd aan opdrachtgevers die niet volledig voldoen aan de regelgeving rondom zelfstandigen. De zwaardere vergrijpboetes – in gevallen van opzet of grove schuld – worden echter vanaf dat jaar wél opgelegd. Dat geldt zowel voor opdrachtgevers als voor opdrachtnemers.
Afweging van belangen
Het besluit volgt op brede politieke druk en een reeks moties rond het kerstreces. Volgens de Staatssecretaris zijn bij de afweging verschillende belangen meegewogen: de positie van zzp’ers, het streven naar een gelijk speelveld, de uitvoerbaarheid voor de Belastingdienst en de aansluiting bij het Europese Herstel- en Veerkrachtplan. Het eerder gepubliceerde Handhavingsplan van de Belastingdienst is inmiddels aangepast.